Transmissieverliezen: Als warmte door de muur gaat
Transmissiewarmteverliezen ontstaan wanneer warmte via vaste bouwdelen van binnen naar buiten “stroomt”. Bij de meeste gebouwen vormen ze 60–80% van de totale verwarmingslast en zijn daarmee de belangrijkste hefboom voor energetische renovatie. In dit artikel worden de berekening en praktische maatregelen om verliezen te beperken toegelicht.
Het fysische principe
Warmte stroomt altijd van warm naar koud – dat volgt uit de tweede hoofdwet van de thermodynamica. In een verwarmd gebouw betekent dat bijvoorbeeld:
- Binnen: 20°C (warm)
- Buiten: -10°C (koud)
- Temperatuurverschil: 30 K (Kelvin)
Hoe groter het temperatuurverschil, hoe meer warmte naar buiten stroomt.
Analogie: Denk aan een kop hete koffie. Hoe kouder de omgeving, hoe sneller hij afkoelt. Het kopje is als de gebouwschil – hoe beter geïsoleerd (thermosbeker), hoe trager het warmteverlies.
De drie vormen van warmtetransport
Warmte kan op drie manieren worden overgedragen:
| Vorm | Beschrijving | Voorbeeld in het gebouw |
|---|---|---|
| Geleiding | Door vaste materialen | Door de muur heen |
| Convectie | Door stromende lucht | Luchtstroming langs oppervlakken |
| Straling | Via elektromagnetische golven | Warmtestraling van de wand |
Bij transmissie spelen alle drie samen:
- Warmte wordt van de kamerlucht naar de binnenwand overgedragen (convectie + straling)
- Warmte geleidt door de wand (geleiding)
- Warmte wordt van de buitenwand aan de buitenlucht afgegeven (convectie + straling)
De rekenformule
In Duitsland worden transmissieverliezen berekend volgens DIN EN 12831-1. In Nederland en Vlaanderen wordt voor de bepaling van de verwarmingsbehoefte en warmteverliezen aangesloten bij de Europese norm NEN-EN 12831 (NL) respectievelijk NBN EN 12831 (BE), in combinatie met de nationale bepalingsmethoden voor energieprestatie (NTA 8800 in Nederland, EPB/EPB-methodiek in Vlaanderen).
Formule: ΦT = HT × (θi - θe)
met HT = Σ (U × A × fT) + ΔUWB × A
- ΦT = transmissiewarmteverlies (W)
- HT = transmissiewarmteverliescoëfficiënt (W/K)
- θi = binnentemperatuur (°C)
- θe = ontwerp-buitentemperatuur (°C)
- U = U-waarde van het bouwdeel (W/m²K)
- A = oppervlak van het bouwdeel (m²)
- fT = temperatuurscorrectiefactor
- ΔUWB = toeslag voor koudebruggen (W/m²K)
Dezelfde formule wordt in de Nederlandse NEN-EN 12831 en de Belgische NBN EN 12831 toegepast; de invoerwaarden (ontwerp-buitentemperatuur, standaard U-waarden, correctiefactoren) zijn per land in de nationale bijlagen vastgelegd.
De temperatuurscorrectiefactor fT
Niet alle bouwdelen grenzen direct aan de buitenlucht. De factor fT houdt daar rekening mee:
| Aangrenzende ruimte | fT | Toelichting |
|---|---|---|
| Buitenlucht | 1,0 | Volledig temperatuurverschil |
| Onverwarmde kelder | 0,5 | Kelder is warmer dan buiten |
| Grond / kruipruimte | 0,3–0,6 | Grondtemperatuur relatief constant |
| Onverwarmde garage | 0,8 | Garage iets warmer dan buiten |
| Verwarmde buurwoning | 0,0 | Geen temperatuurverschil |
Voorbeeld: Een kelderplafond met U = 0,5 W/m²K en fT = 0,5 heeft hetzelfde effectieve warmteverlies als een buitenmuur met U = 0,25 W/m²K.
Bouwdelen en hun U-waarden
De belangrijkste bouwdelen en typische U-waarden ter oriëntatie:
Buitenmuren
| Bouwperiode | Muursoort | U-waarde | Beoordeling |
|---|---|---|---|
| vóór 1970 | Massieve baksteen 36 cm | 1,4–1,6 W/m²K | Slecht |
| 1970–1990 | Holle baksteen / spouw zonder vulling | 0,8–1,2 W/m²K | Matig |
| 1990–2010 | Geïsoleerde spouwmuur / cellenbeton 30 cm | 0,4–0,6 W/m²K | Gemiddeld |
| na 2010 | Gevelisolatie (ETICS) ca. 16 cm | 0,2–0,3 W/m²K | Goed |
| Passiefhuisniveau | Gevelisolatie 30 cm+ | < 0,15 W/m²K | Zeer goed |
(In Nederland en Vlaanderen zijn de exacte waarden afhankelijk van de toegepaste materialen en detaillering; de tabel geeft typische orde‑groottes.)
Ramen
| Generatie | Beglazing | U-waarde (Uw) | Beoordeling |
|---|---|---|---|
| vóór 1980 | Enkel glas | 5,0–5,8 W/m²K | Zeer slecht |
| 1980–1995 | Dubbel glas zonder HR-coating | 2,7–3,0 W/m²K | Slecht |
| 1995–2010 | HR / HR+ (dubbel met LowE) | 1,3–1,6 W/m²K | Gemiddeld |
| na 2010 | HR+++/driedubbel met LowE | 0,7–1,0 W/m²K | Goed |
| Passiefhuis | Speciale 3-voudige beglazing | < 0,8 W/m²K | Zeer goed |
Dak
| Isolatieniveau | U-waarde | Beoordeling |
|---|---|---|
| Ongeïsoleerd | 2,0–3,0 W/m²K | Zeer slecht |
| ca. 8 cm isolatie | 0,4–0,5 W/m²K | Matig |
| ca. 16 cm isolatie | 0,2–0,25 W/m²K | Goed |
| 24 cm+ isolatie | < 0,15 W/m²K | Zeer goed |
Rekenvoorbeeld
Een ruimte met de volgende bouwdelen bij θi = 20°C en θe = -12°C:
| Bouwdeel | Oppervlak | U-waarde | fT | HT-aandeel |
|---|---|---|---|---|
| Buitenmuur | 15 m² | 0,28 W/m²K | 1,0 | 4,2 W/K |
| Ramen | 4 m² | 1,3 W/m²K | 1,0 | 5,2 W/K |
| Dak | 12 m² | 0,20 W/m²K | 1,0 | 2,4 W/K |
| Kelderplafond | 20 m² | 0,35 W/m²K | 0,5 | 3,5 W/K |
| Totaal | 15,3 W/K |
Berekening: ΦT = 15,3 W/K × (20°C - (-12°C)) = 15,3 × 32 = 489,6 W
De ruimte verliest bij -12°C buitentemperatuur bijna 490 watt via transmissie.
Waar gaan de grootste warmtestromen verloren?
Typische verdeling van transmissiewarmteverliezen:
| Bouwdeel | Aandeel | Reden |
|---|---|---|
| Ramen | 25–35% | Hoge U-waarden ondanks klein oppervlak |
| Buitenmuren | 25–30% | Groot oppervlak |
| Dak | 15–25% | Warme lucht stijgt op |
| Kelder / vloer | 10–15% | Deels gebufferd door de grond |
| Koudebruggen | 5–15% | Vaak onderschat |
Let op: Ramen hebben weliswaar het kleinste oppervlak, maar vaak de hoogste U-waarde. Een raam van 2 m² met U = 1,3 W/m²K verliest evenveel warmte als 10 m² goed geïsoleerde muur met U = 0,26 W/m²K.
Maatregelen om transmissieverliezen te beperken
1. Gevel- / buitenmuurisolatie
| Maatregel | Investering (indicatief) | Verbetering U-waarde |
|---|---|---|
| Gevelisolatiesysteem (ETICS) 12 cm | 80–120 €/m² | van ca. 1,4 naar ca. 0,28 W/m²K |
| Spouwmuurisolatie | 20–40 €/m² | van ca. 1,0 naar ca. 0,4 W/m²K |
| Binnenisolatie | 50–80 €/m² | van ca. 1,4 naar ca. 0,5 W/m²K |
Regelgeving en normen:
- Nederland: Voor nieuwbouw en ingrijpende renovatie gelden minimale warmteweerstanden volgens Bouwbesluit/Bbl en de bepalingsmethode NTA 8800. Voor buitenmuren wordt in de praktijk vaak gemikt op U ≤ 0,24 W/m²K (R_c ≥ 4,5 m²K/W).
- Vlaanderen: De EPB-eisen leggen maximale U-waarden vast (bijv. U_max buitenmuur doorgaans 0,24–0,30 W/m²K, afhankelijk van projecttype en jaar van aanvraag). De berekening gebeurt volgens de Belgische implementatie van EN ISO 6946 (NBN EN ISO 6946).
2. Vervangen van ramen
| Maatregel | Investering (indicatief) | Verbetering U-waarde |
|---|---|---|
| Dubbel → driedubbel glas | 300–500 €/m² | van ca. 1,4 naar ca. 0,9 W/m²K |
| Volledig nieuw kozijn met 3-voudig glas | 400–600 €/m² | afhankelijk van uitgangssituatie |
Regelgeving:
- Nederland: Voor nieuwbouw worden in de praktijk U-waarden van ramen (Uw) rond 1,0–1,2 W/m²K toegepast om aan de BENG-eisen te voldoen.
- Vlaanderen: EPB legt U_max voor ramen vast (typisch rond 1,5 W/m²K of lager, afhankelijk van het jaar en type gebouw); voor lage-energiewoningen en bijna-energieneutrale gebouwen (BEN) zijn strengere waarden gebruikelijk.
3. Dak- en zoldervloerisolatie
| Maatregel | Investering (indicatief) | Verbetering U-waarde |
|---|---|---|
| Tussen de kepers/sporen 16 cm | 40–60 €/m² | van ca. 0,5 naar ca. 0,22 W/m²K |
| Bovenop de kepers (sarking) 20 cm | 100–150 €/m² | van ca. 0,5 naar ca. 0,16 W/m²K |
| Isolatie bovenste verdiepingsvloer / zoldervloer | 20–40 €/m² | van ca. 0,8 naar ca. 0,18 W/m²K |
Minimale eisen (indicatief):
- Nederland: Voor daken wordt vaak R_c ≥ 6,0 m²K/W nagestreefd (U ≈ 0,17 W/m²K) in het kader van BENG.
- Vlaanderen: EPB-eisen leggen U_max voor daken vast (typisch rond 0,24 W/m²K of lager); voor BEN-woningen wordt in de praktijk nog beter geïsoleerd.
Lokale energieprestatienormen en berekening van U-waarden
In Duitsland wordt de U-waarde berekend volgens DIN EN ISO 6946. In Nederland en Vlaanderen gelden de Europese normen NEN-EN ISO 6946 (NL) en NBN EN ISO 6946 (BE) met nationale bijlagen.
- Nederland: De energieprestatie van gebouwen wordt bepaald volgens NTA 8800. Deze methode gebruikt U-waarden, R_c-waarden en detailleringen (inclusief koudebruggen) voor de bepaling van de BENG-indicatoren (BENG 1–3).
- Vlaanderen: De EPB-methodiek (EnergiePrestatie en Binnenklimaat) gebruikt U-waarden en lineaire koudebrugcoëfficiënten (ψ-waarden) voor de berekening van het E-peil en S-peil.
Overheidsregelingen en subsidies (NL & Vlaanderen)
Transmissieverliezen verminderen via isolatie en nieuwe ramen wordt in zowel Nederland als Vlaanderen financieel ondersteund. In plaats van Duitse BAFA- of KfW-programma’s gelden de volgende regelingen:
Nederland
-
ISDE (Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing)
- Voor woningeigenaren en VvE’s.
- Subsidie voor isolatiemaatregelen (dak, gevel, vloer, spouw, glas) en warmtepompen.
- Voor isolatie geldt meestal dat u minimaal twee maatregelen moet combineren; de subsidiebedragen liggen grofweg tussen €10 en €30 per m², afhankelijk van maatregel en isolatiewaarde.
- Actuele bedragen en voorwaarden: www.rvo.nl/isde.
-
Nationaal Warmtefonds / Energiebespaarlening
- Laagrentende lening voor isolatie, HR-glas, warmtepompen, zonnepanelen enz.
- Voor bepaalde inkomensgroepen is een deel van de lening rentevrij.
-
Lokale subsidies
- Veel gemeenten en provincies bieden aanvullende subsidies of leningen voor isolatie en glasvervanging.
- Overzicht via www.energiesubsidiewijzer.nl.
Vlaanderen (België)
-
Mijn VerbouwPremie
- Eén geïntegreerde premie voor renovatie en energiebesparende maatregelen (dak-, muur-, vloerisolatie, hoogrendementsbeglazing, enz.).
- Premiebedragen zijn afhankelijk van inkomenscategorie, type gebouw en uitgevoerde maatregel; voor isolatie liggen ze indicatief tussen €4 en €30 per m².
- Meer info: www.vlaanderen.be/mijnverbouwpremie.
-
Fluvius-premies (netbeheerder)
- Onder meer voor dakisolatie, muurisolatie, hoogrendementsbeglazing en warmtepompen.
- Bedragen en voorwaarden verschillen per maatregel en kunnen cumuleren met Mijn VerbouwPremie.
-
Verlaagd btw-tarief
- Voor renovatie- en isolatiewerken aan woningen ouder dan 10 jaar geldt meestal een verlaagd btw-tarief van 6% (in plaats van 21%).
Let op dat voorwaarden, bedragen en doelgroepen regelmatig wijzigen; controleer altijd de actuele informatie op de officiële websites.
Energieprestatiecertificaten en labels
In plaats van het Duitse Energieausweis-systeem gelden in Nederland en Vlaanderen eigen certificaten:
-
Nederland – Energielabel voor gebouwen
- Verplicht bij verkoop, verhuur en oplevering van woningen en utiliteitsgebouwen.
- Labelklasse van A++++ tot G, gebaseerd op berekening volgens NTA 8800.
- Transmissieverliezen (isolatieniveau van dak, gevel, vloer, glas) hebben een grote invloed op het label.
-
Vlaanderen – EPC (Energieprestatiecertificaat)
- Verplicht bij verkoop en verhuur van woningen en kleine niet-residentiële gebouwen.
- Label van A+ tot F, berekend volgens de Vlaamse EPB/EPB-methodiek.
- Isolatie van de gebouwschil en koudebruggen zijn belangrijke parameters.
Praktisch: Een betere isolatie van muren, dak en ramen verlaagt niet alleen de transmissieverliezen en de verwarmingslast, maar verbetert ook het energielabel (NL) of EPC-label (VL), wat de waarde en verhuurbaarheid van het gebouw ten goede komt.
De verwarmingslast-calculator
Onze verwarmingslast-calculator berekent de transmissiewarmteverliezen automatisch:
- Bouwdelencatalogus met meer dan 150 typische constructies
- Automatische bepaling van U-waarden op basis van bouwjaar
- Correctiefactoren voor grond, onverwarmde ruimten enzovoort
- Toeslagen voor koudebruggen afhankelijk van bouwstandaard
Nu berekenen: Bepaal de transmissiewarmteverliezen van uw gebouw met onze verwarmingslast-calculator.
Verdere artikelen
- De U-waarde uitgelegd – De belangrijkste kengetal van bouwdelen in detail
- Koudebruggen – De verborgen warmteverliezen
- Ventilatieverliezen – De andere component van de verwarmingslast
- Wat is de verwarmingslast? – Terug naar het overzicht
Bronnen
- NEN-EN 12831 / NBN EN 12831 – Berekening van de ontwerp-verwarmingslast
- NEN-EN ISO 6946 / NBN EN ISO 6946 – Bouwdelen – Warmtedoorgangsweerstand en U-waarde
- NTA 8800 – Bepalingsmethode voor de energieprestatie van gebouwen (Nederland)
- EPB/EPB-methodiek – Energieprestatieregelgeving Vlaanderen